Savills

The Savills Blog

Planbureau en rijksadviseur gaan voorbij aan duurzame intenties

Dit artikel is exclusief gepubliceerd door Logistiek.nl

Twee rapporten liggen inmiddels op tafel, die allebei een haast karikaturaal beeld schetsen van de logistieke sector. Juist doordat distributiecentra een interessant beleggingsproduct zijn geworden, kan nu de focus liggen op verduurzaming en beter inpassen in de leefomgeving.

In haar recente rapport over distributiecentra in Nederland neemt het Planbureau voor de Leefomgeving de logistieke sector op de korrel. Die lijkt volgens de opstellers van het rapport vooral geïnteresseerd in het toevoegen van meer vierkante meters, heeft weinig tot geen oog heeft voor de leefomgeving en kijkt vooral naar financiële return on investment. Daarmee gaat het Planbureau voorbij aan de intenties, maar vooral aan de concrete inspanningen van een flink aantal spelers in de sector, waaronder dienstverleners, ontwikkelaars, beleggers en gebruikers.

Kort daarvoor verscheen ook al een opzienbarend advies van het College van Rijksadviseurs. Het FD besteedde daar aandacht aan in een interview met rijksadviseur Wouter Veldhuis. Zijn stelling is, dat de logistieke sector radicaal moet veranderen. Hij vindt dat de logistieke sector niet meer draait om distributie van goederen, maar om de ontwikkeling van vastgoed en het creëren van beleggerswaarde. Dat is onzin, want in de sector staat wel degelijk de distributie van goederen centraal. En waar het gaat om beleggers: het is juist die groep die het voortouw heeft genomen in een enorme verduurzamingsslag, daarbij zelfs vooruitlopend op overheidsbeleid.

Ontwikkelaars investeren volop in verduurzaming

Distributiecentra zijn een beleggingsproduct geworden en die institutionalisering heeft sterk bijgedragen aan een focus op duurzaamheid. Niet omdat de overheid dat verlangt, maar omdat professionele marktpartijen eigen ESG-criteria hanteren. Een term die overigens niet valt binnen in het rapport. Door grote ontwikkelaars - die ook in ons land actief zijn – is en wordt aanzienlijk geïnvesteerd in de verduurzaming van bestaande distributiecentra. Voor nieuwe distributiecentra geldt dat zij zonder uitzondering gebouwd worden volgens de strenge Breeam-duurzaamheidsstandaarden, waarbij energiebesparing, het gebruik van duurzame bouwmaterialen en vermindering van CO₂-uitstoot voorop staan. De sector heeft zelfs, zonder energielabelverplichting vanuit de overheid, een hoger percentage Breeam gecertificeerde voorraad dan de Nederlandse kantorenmarkt.

Besef over inpassing landschap is allang doorgedrongen

Daarnaast springen in het rapport termen als ‘verglazing’, ‘verdozing’ en ‘verstening’ in het oog. Laten we vaststellen dat distributiecentra naar hun aard en omvang een uitdaging vormen waar het gaat om acceptabele inpassing in het landschap. Maar ook dat besef is al geruime tijd geleden doorgedrongen tot beleggers, ontwikkelaars en bouwers en dat is terug te zien in de aandacht voor ontwerp en kleurstelling van nieuwe distributiecentra, maar ook in de mate waarin bijvoorbeeld wordt samengewerkt met landschapsarchitecten en ecologen. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt in vrijwel alle gevallen nadrukkelijk rekening gehouden met biodiversiteit in de directe omgeving. Steeds meer bedrijventerreinen hebben een parkmanagementorganisatie die zaken als duurzaamheid en het minimaliseren van verkeersbewegingen, maar ook esthetiek en landschapsinpassing tot speerpunt hebben. Daarbij zijn er strenge normen die bij het ontwikkelen van distributiecentra in acht moeten worden genomen.

Europese zienswijze over het hoofd gezien

Zowel de rijksadviseur als het Planbureau gaan overigens volledig voorbij aan de zogeheten EU Taxonomie, die tot doel heeft duurzame investeringen binnen de Europese Unie te bevorderen en de overgang naar een groenere economie te ondersteunen. Dit leidt ook tot veranderingen in de manier waarop (logistiek) vastgoed wordt ontwikkeld en gefinancierd. Beleggers die voldoen aan de taxonomiecriteria – waaronder klimaatadaptatie en herstel van biodiversiteit - kunnen hun activiteiten als duurzaam labelen in rapportages.

Dialoog op basis van feiten voor meer draagvlak

De logistieke sector is voor de Nederlandse economie van levensbelang, zoveel staat vast. Haar bijdrage aan BBP en werkgelegenheid is aanzienlijk. De realiteit is dat distributiecentra hier een vitaal onderdeel van zijn. Dat betekent niet dat de sector zomaar over bezwaren uit de maatschappij op het gebied van esthetiek en duurzaamheid kan heenstappen. Maar dat gebeurt ook bepaald niet. Illustratief voor de wil om te veranderen, is recent onderzoek onder verschillende spelers in de logistieke sector. Dat liet onder meer zien dat de behoefte aan duurzaam logistiek vastgoed aanzienlijk is. Zo geeft bijna 90 procent van de gebruikers van logistiek vastgoed aan meer te willen betalen voor een gebouw dat gecertificeerd duurzaam is. Bijna 70 procent kan zich zelfs vinden in een huursurplus van 5 procent of meer.

Met haar rapport heeft het Planbureau voor de Leefomgeving vooral een bruikbare aanleiding gegeven voor een meer constructieve dialoog over heden en toekomst van de logistieke sector. Een dialoog waarin de feiten voorop staan en waarbij het gezamenlijk doel is om te komen tot een sector die kan rekenen op welverdiend maatschappelijk draagvlak.

Aanbevolen artikelen